| Plan: | TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22x Melderslo, Nieuwenhofweg 4 |
|---|---|
| Status: | ontwerp |
| Plantype: | bestemmingsplan |
| IMRO-idn: | NL.IMRO.1507.MLNIEUWENHOFWEG4-BPO1 |
Preambule
Dit TAM-omgevingsplan is gericht op het faciliteren van de (gebieds)ontwikkeling op de locatie Nieuwenhofweg 4 te Melderslo en vormt juridisch een nieuw hoofdstuk hoofdstuk 22x van het omgevingsplan van de gemeente Horst aan de Maas. Dit hoofdstuk is op grond van artikel 11.1, lid 2 Besluit elektronische publicaties bekend gemaakt en digitaal beschikbaar gesteld met de landelijke voorziening https://www.ruimtelijkeplannen.nl/. Het is met deze landelijke voorziening niet mogelijk dit hoofdstuk conform de juridische vormgeving van het omgevingsplan in STOP-TPOD beschikbaar te stellen.
De in dit op https://www.ruimtelijkeplannen.nl/ uitgegeven deel van het omgevingsplan (hierna: dit deel) weergegeven hoofdstukken moeten gelezen worden als paragrafen van hoofdstuk 22x van het omgevingsplan van de gemeente Horst aan de Maas. In de artikelkop van de in dit deel weergegeven artikelen moet na het woord 'Artikel', na de spatie en direct voor het artikelnummer '22x' gelezen worden. In de kop van de bijlagen bij het in dit deel weergegeven hoofdstuk moet na het woord 'Bijlage', na de spatie en direct voor het nummer van de bijlage '22x' gelezen worden.
Begripsbepalingen die zijn opgenomen in bijlage I van het omgevingsplan, bijlage I bij het Besluit activiteiten leefomgeving, bijlage I bij het Besluit bouwwerken leefomgeving, bijlage I bij het Besluit kwaliteit leefomgeving, bijlage I bij het Omgevingsbesluit en bijlage I bij de Omgevingsregeling, zijn van toepassing op dit hoofdstuk.
een dienstverlenend beroep op zakelijk, maatschappelijk, therapeutisch, juridisch, (para)medisch, ontwerptechnisch of kunstzinnig gebied en tevens een kapsalon/schoonheidssalon, of hiermee gelijk te stellen beroep dat door zijn beperkte omvang in een woning en daarbij behorende bijgebouwen, met behoud van de woonfunctie, door één van de bewoners van de woning kan worden uitgeoefend, waarbij de ruimtelijke uitwerking of uitstraling van de woning inclusief bijgebouwen behouden blijft.
Een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden.
Een bedrijf dat is gericht op het voortbrengen van producten door middel van het telen van gewassen, waaronder mede begrepen houtteelt, en/of het houden van dieren, een en ander met dien verstande dat:
De aan een gebied toegekende waarde in verband met de kennis en de studie van de in dat gebied voorkomende overblijfselen van menselijke aanwezigheid of activiteit uit het verleden.
Eén of meer gebouwen en/of bouwwerken geen gebouwen zijnde.
Een woning, in of bij een bedrijf of instelling, bestemd voor (het gezin van) een persoon wiens huisvesting daar gelet op de functie noodzakelijk is; deze woning wordt begrepen onder de bedrijfsgebouwen.
Uitbreiding van een hoofdgebouw, dan wel functioneel met een zich op hetzelfde perceel bevindend hoofdgebouw verbonden, daar al dan niet tegen aangebouwd gebouw, of ander bouwwerk, met een dak.
De teelt van houtige gewassen en/ of vaste planten.
Een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten.
Een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken geen gebouwen zijnde zijn toegelaten.
Een onafhankelijke erkende persoon of organisatie in het vakgebied / op het werkterrein waarop het advies betrekking heeft en die voldoet aan door burgemeester en wethouders te stellen kwalificaties.
Al dan niet bebouwd perceel, of een gedeelte daarvan, dat direct is gelegen bij een hoofdgebouw en dat in feitelijk opzicht is ingericht ten dienste van het gebruik van dat gebouw, en, voor zover een omgevingsplan van toepassing is, deze die inrichting niet verbieden.
De afbakening van een erf of perceel van een ernaast gelegen erf of perceel, of van de openbare ruimte.
Elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt.
Geurgevoelig object als bedoeld artikel 5.91 van het Besluit kwaliteit leefomgeving.
Gewasbeschermingsmiddel als bedoeld in artikel 2, eerste lid, van Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen en tot intrekking van de Richtlijnen 79/117/EEG en 91/414/EEG van de Raad (PbEU 2009, L 309).
iemand die zich bezighoudt met de dagelijkse verzorging van een paard en het assisteren van een ruiter; iemand die rijpaarden verzorgt.
Gebouw, of gedeelte daarvan, dat noodzakelijk is voor de verwezenlijking van de geldende of toekomstige functie van een perceel en, indien meer gebouwen op het perceel aanwezig zijn, gelet op die functie het belangrijkst is.
Een bedrijf waar dranken en/of etenswaren voor gebruik ter plaatse worden verstrekt en/of waarin logies wordt verstrekt, zoals een café, restaurant, hotel, pension, en naar de aard en openingstijden daarmee gelijk te stellen bedrijven, één en ander al dan niet in combinatie met een vermaaksfunctie met uitzondering van een erotisch getinte vermaaksfunctie.
Een bedrijf of instelling waar bedrijfsmatig dranken en/of etenswaren voor gebruik ter plaatse worden verstrekt en/of bedrijfsmatig logies wordt verstrekt, niet zijnde horeca II.
Elke voor het publiek, al dan niet tegen betaling toegankelijke lokaliteit, die (nagenoeg) geheel is ingericht of wordt gebruikt voor het dansen, zoals discotheken en dancings, waarin al dan niet dranken voor gebruik ter plaatse worden verstrekt. Daarnaast een inrichting waarin een kans- of behendigheidsspel wordt uitgeoefend.
Binnenopslag van goederen die geen regelmatige verplaatsing behoeven, niet bestemd zijn voor handel en niet worden opgeslagen voor een elders gevestigd niet-agrarisch bedrijf, zoals een (seizoen)stalling van (antieke) auto’s, boten, caravans, campers en dergelijke.
Een gebouw, bestaande uit glas of ander lichtdoorlatend materiaal dienend tot het kweken of trekken van bomen, vruchten, bloemen of planten.
Zoogdier of vogel voor de productie van vlees, eieren, melk, wol of veren of een paard of pony voor het fokken.
Een element dat samenhangt met de ondergrond en de ontwikkelingsgeschiedenis van het landschap en het oorspronkelijke landgebruik, zoals een bosschage, houtwal, houtsingel of steilrandbeplanting.
De aan een gebied toegekende waarde gekenmerkt door geologische, geomorfologische, bodemkundige en biologische elementen, zowel afzonderlijk als in onderlinge samenhang.
Een onoverdekte, als zodanig herkenbare ruimte, al dan niet omsloten, bedoeld voor het trainen, rijden en berijden van paarden en pony's, met eventueel een bodem van zand, hout, boomschors of ander materiaal om de bodem te verstevigen en al dan niet voorzien van drainage.
Bewoning door een persoon, gezin of andere groep van personen van een gebouw, dan wel een gedeelte daarvan, als hoofdverblijf.
De voor het publiek toegankelijke, besloten ruimte waarin bedrijfsmatig of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was seksuele handelingen worden verricht, of vertoningen van erotisch-pornografische aard plaatsvinden. Onder een seksinrichting worden in elk geval verstaan: een seksbioscoop, seksautomatenhal, sekstheater, een parenclub of een prostitutiebedrijf waaronder tevens begrepen een erotische-massagesalon, al dan niet in combinatie met elkaar.
Het TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22x Nieuwenhofweg 4 te Melderslo met identificatienummer NL.IMRO.1507.MLNIEUWENHOFWEG4-BPO1 van de Gemeente Horst aan de Maas.
Een perceel grond, dat zich niet in de onmiddellijke nabijheid van de woning van de gebruiker bevindt, waarop voor particulier gebruik voedings- en siergewassen worden geteeld.
Een (agrarisch) bedrijf waaruit een zelfstandig en reëel inkomen voortkomt voor minimaal één huishouden.
De naar de weg gekeerde gevel van een gebouw of, indien het een gebouw betreft met meer dan één naar de weg gekeerde gevel, de gevel die op het moment van terinzagelegging van het ontwerp van het plan kennelijk als zodanig diende te worden aangemerkt.
Denkbeeldige lijn die strak loopt langs de voorgevel van een gebouw tot aan de perceelsgrenzen.
Voorzieningen die nodig zijn ten behoeve van een goede wateraanvoer, waterafvoer, waterberging, hemelwaterinfiltratie en/of waterkwaliteit zoals duikers, stuwen, infiltratievoorzieningen, gemalen, inlaten etc.
Een (gedeelte van een) gebouw dat dient voor de huisvesting van één afzonderlijk huishouden.
De meet- en rekenbepalingen uit artikel 22.24 van het omgevingsplan zijn van overeenkomstige toepassing op het meten van de waarden die in dit hoofdstuk in m, m² of m³ zijn uitgedrukt, voor zover hiervan niet is afgeweken in het bepaalde van artikel 3.1 tot en met 3.8.
Langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak.
Vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel.
Tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen.
Vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van onderschikte bouwdelen, zoals schoorstenen, antennes en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen.
Tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk.
Tussen de grens van het bouwperceel en een bepaald punt van het bouwwerk, waar die afstand het kortst is.
Vanaf het bouwkundig peil tot het diepste punt van het bouwwerk, de fundering niet meegerekend.
Indien tussen twee functievlakken en/of bouwvlakken de aanduiding 'relatie' is aangegeven, worden deze functievlakken c.q. bouwvlakken aangemerkt als één functievlak c.q. bouwvlak.
Het is verboden gronden of bouwwerken te gebruiken anders dan overeenkomstig de aan de locatie toegedeelde functies.
De regels van dit artikel zijn van toepassing op de locaties die zijn aangewezen als 'Agrarisch met waarden'.
Een als 'Agrarisch met waarden' aangewezen locatie heeft de volgende functies:
met de daarbij behorende:
In aanvulling op het bepaalde in artikel 22.29 gelden tevens de volgende beoordelingsregels:
De maatvoering voor gebouwen en bijbehorende bouwwerken is als volgt:
| Bedrijfsgebouwen | Min. | Max. |
| Goothoogte | N.v.t. | 7 m |
| Bouwhoogte | N.v.t. | 11 m |
| Bedrijfswoning | Min. | Max. |
| Goothoogte | N.v.t. | 7 m |
| Bouwhoogte | N.v.t. | 11 m |
| Afstand tot perceelsgrens | 3 m | N.v.t. |
| Inhoud | N.v.t. | 1.000 m³ |
| Aangebouwde bijbehorende bouwwerken en carports bij bedrijfswoningen | Min. | Max. |
| Goothoogte | N.v.t. | 3,5 m |
| Bouwhoogte | N.v.t. | 6 m |
| Afstand carports achter de voorgevel van de bedrijfswoning | 0 m; carports mogen tot 1 m voor de voorgevel worden gebouwd | N.v.t. |
| Afstand overige bijbehorende bouwwerken achter de voorgevel van de bedrijfswoning | 1 m | N.v.t. |
| Afstand overige bijbehorende bouwwerken achter de voorgevel van de bedrijfswoning in het geval dat bedrijfswoning meerdere naar de weg gekeerde gevels kent | 3 m | N.v.t. |
| Afstand overige bijbehorende bouwwerken tot het openbaar gebied in het geval van een hoeksituatie | 1 m | N.v.t. |
| Totale gezamenlijke oppervlakte van alle bijbehorende bouwwerken | N.v.t. | 150 m² |
| Vrijstaande bijbehorende bouwwerken bij bedrijfswoningen | Min. | Max. |
| Goothoogte | N.v.t. | 3,5 m |
| Bouwhoogte | N.v.t. | 6 m |
| Afstand carports achter de voorgevel van de bedrijfswoning | 0 m; carports mogen tot 1 m voor de voorgevel worden gebouwd | N.v.t. |
| Afstand overige bijbehorende bouwwerken achter de voorgevel van de bedrijfswoning | 1 m | N.v.t. |
| Afstand overige bijbehorende bouwwerken achter de voorgevel van de bedrijfswoning in het geval dat de bedrijfswoning meerdere naar de weg gekeerde gevels kent | 3 m | N.v.t. |
| Afstand tot zijdelingse perceelgrens | 2,5 m | N.v.t. |
| Afstand tot de bedrijfswoning | N.v.t. | 40 m |
| Totale gezamenlijke oppervlakte van alle bijbehorende bouwwerken | N.v.t. | 150 m² |
In aanvulling op artikel 22.27 en 22.36 gelden de volgende regels voor bouwwerken, geen gebouwen zijnde:
| Bouwhoogte van bouwwerk, geen gebouw zijnde | Min. | Max. |
| Mestsilo | N.v.t. | 6 m |
| Sleufsilo | N.v.t. | 4 m |
| Overige silo's en hooibergen | N.v.t. | 15 m |
| Erf- en terreinafscheiding binnen het bouwvlak | N.v.t. | voor de voorgevelrooilijn: 1 m achter de voorgevelrooilijn: 2 m |
| Overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde binnen het bouwvlak | N.v.t. | 8 m |
| Erf- en terreinafscheidingen buiten het bouwvlak | N.v.t. | 1 m |
Onder strijdig gebruik wordt in ieder geval verstaan:
De regels in dit artikel zijn van toepassing op de locaties die zijn aangewezen als 'Waarde - Archeologie
4'.
De voor 'Waarde - Archeologie 4' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende functie(s), mede bestemd voor het behoud en bescherming van de archeologische waarden.
Op en in de gronden als bedoeld in lid 6.2 mag niet worden gebouwd, met uitzondering van:
Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 6.3 teneinde het oprichten van bouwwerken ten behoeve van de op deze gronden liggende andere functie(s), indien op basis van (archeologisch) onderzoek is aangetoond, dat archeologische waarden door de bouwactiviteiten niet onevenredig worden of kunnen worden geschaad. Teneinde dit te bereiken kunnen aan een omgevingsvergunning in ieder geval de volgende voorschriften worden verbonden:
Het bepaalde in artikel 12 is van toepassing.
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
In die gevallen dat de bestaande goothoogte, bouwhoogte, oppervlakte, inhoud of afstand tot enige grens van bouwwerken, die rechtens, in overeenstemming met het bepaalde in de Omgevingswet tot stand zijn gekomen, minder dan wel meer bedraagt dan in de bouwregels in hoofdstuk 2 van deze regels is voorgeschreven respectievelijk toegestaan, geldt die goothoogte, bouwhoogte, oppervlakte, inhoud of afstand in afwijking daarvan als minimaal respectievelijk maximaal toegestaan, uitsluitend conform de bestaande situatie.
Bij de toepassing van het bepaalde ten aanzien van het bouwen worden ondergeschikte bouwdelen als plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, ventilatiekanalen, schoorstenen, gevel- en kroonlijsten, luifels, erkers, balkons en overstekende daken, buiten beschouwing gelaten, mits de overschrijding van bouw c.q. functiegrenzen niet meer dan 1 m bedraagt.
Binnen het plangebied mag, tenzij anders is aangegeven in de regels, onder gebouwen ondergronds worden gebouwd, onder de volgende voorwaarden:
Onder strijdig gebruik met de functies wordt in ieder geval verstaan het (laten) gebruiken van gronden en/of bouwwerken voor en/of als:
In woningen en/of bijbehorende bouwwerken is het uitoefenen van een aan huis verbonden beroep toegestaan, onder de volgende voorwaarden:
Ter plaatse van de aanduidingen in de navolgende tabel zijn de gronden tevens bestemd voor het behoud, de bescherming, de ontwikkeling en/of het herstel van de desbetreffende cultuurhistorische, landschappelijke en natuurlijke waarden welke zijn opgenomen in de navolgende tabel:
| Aanduiding | Landschaps- en natuurwaarde |
| overige zone - heideontginning | - Open landschap met onderverdeling van de openheid door bomenlanen. - Overwegend patroon van rechte wegen. - Overwegend rechthoekige tot blokvormige verkaveling. - Kunstmatig lage grondwaterstanden. - Bebouwingslinten met wisselende onderlinge afstanden tussen de erven. - Huidige natuurwaarde is beperkt. - Plaatselijk van belang voor vogels (Hooge Heide, Brommer) en amfibieën. - Van nature natte, laag gelegen zandgronden in de natte heide ontginningsgebieden. - Natuurwaarde is gering in de natte heide ontginningsgebieden, met uitzondering van de weilanden die van waarde zijn voor (weide)vogels. - Openheid en landbouwkarakteristiek van het landschap in de natte heideontginningsgebieden behouden en agrarische bebouwing goed verdichten met groen (stevige, strakke erfbelasting). |
De regels in dit artikel zijn van toepassing op de locaties die op de verbeelding zijn aangewezen als 'Milieuzone - grondwaterbeschermingsgebied - Venloschol'.
Ter plaatse van de aanduiding 'Milieuzone - grondwaterbeschermingsgebied - Venloschol' hebben de gronden mede de functie de bescherming van de kwaliteit van het grondwater ten behoeve van de winning van (drink)water.
Binnen het grondwaterbeschermingsgebied mag worden gebouwd voor zover dat op grond van de onderliggende functie is toegestaan met inachtneming van de voorwaarden, zoals die door de geldende omgevingsverordening van de provincie Limburg worden gesteld.
De gronden ter plaatse van de aanduiding 'Milieuzone - spuitvrije zone' zijn mede aangewezen als spuitvrije zone vanwege de bescherming van de gezondheid als gevolg van het toepassen van gewasbeschermingsmiddelen.
Op de gronden is het toepassen van gewasbeschermingsmiddelen niet toegestaan.
Het is verboden om zonder omgevingsvergunning en in afwijking van de in dit hoofdstuk opgenomen beoordelingsregels het navolgende te vergroten:
De omgevingsvergunning als bedoeld in artikel lid 11.1 wordt slechts verleend mits geen onevenredige afbreuk wordt van:
Het is verboden ter plaatse van functie 'Agrarisch met waarden' (voor zover gelegen buiten bouwvlakken), 'Waarde - Archeologie 4', 'milieuzone - grondwaterbeschermingsgebied - Venloschol' en/of 'overige zone - heideontginningen' zonder of in afwijking van een schriftelijke vergunning van het bevoegd gezag de in het schema onder lid 12.4 opgenomen omgevingsvergunningplichtige werken en werkzaamheden uit te (doen) voeren.
Een omgevingsvergunning als bedoeld in lid 12.1 is niet vereist voor werken, geen bouwwerken zijnde, of van werkzaamheden:
De in lid 12.1 bedoelde vergunning wordt slechts verleend indien voldaan wordt aan de onder lid 12.4 opgenomen criteria.
| Ter plaatse van de functie | Werken en werkzaamheden** | |||||||||
| 'Agrarisch met waarden' (voor zover gelegen buiten bouwvlakken) | a | |||||||||
| 'Waarde - Archeologie 4' | a | b | d | e | f | g | h | |||
| 'milieuzone - grondwaterbeschermingsgebied - Venloschol | j | |||||||||
| 'overige zone - heideontginning' | c | f | ||||||||
**De onderstaande letters geven aan dat een omgevingsvergunning is vereist (activiteit onder
voorwaarden mogelijk). De letters worden hierna verklaard:
Werken, geen bouwwerk zijnde, of werkzaamheden: